Ik wil maar één vrouw
Daags na de overwinning van Barack Obama schreef ik een column voor Lange Poten, de politieke rubriek van de Gaykrant. Hij staat in het december/januari nummer, maar je kan hem ook hieronder lezen:
Mormonen mogen zoveel vrouwen ze willen, ik wil er maar één
Het ontroerde me, de overwinning van Barack Obama. Niet alleen door de historische lading, na de slavernij en de segregatie in de VS, maar zeker ook door de tranen van Jesse Jackson en het gevoel van opluchting dat de wereld eindelijk verlost is van Bush. Mijn knagende worm die wantrouwen heet verdoofde ik even met wat alcohol. Mijn feestvreugde mocht hij even niet verpesten..
Emancipatie komt nooit met 120 kilometer per uur. . Verdrongen door Obama was het nieuws van de strijd van behoudend Arizona, Florida en Californië tegen de openstelling van het huwelijk voor ’same-sex’. In deze drie staten werd het homohuwelijk in een referendum aan de bevolking voorgelegd en verworpen. Van de eerste twee staten stond ik eigenlijk niet verbaasd. De laatste wel. San Francisco is toch wel ‘the gay place to be’ in de VS. Maar blijkbaar gunt deze bevolking haar mensen deze bevestiging van de liefde niet.
Martin Luther King geloofde in de liefde tussen mensen, zelfs in het liefhebben van je vijand. Ik dacht aan zijn historische speech. ‘I have a dream that one day this nation will rise up and live out the true meaning of its creed: “We hold these truths to be self-evident, that all men are created equal.” ‘Een boodschap waar Obama, ook tegenstander van het homohuwelijk, nog eens goed naar zou moeten luisteren.
Daags na deze hatelijke referendumuitslag gingen mensen de straat op, dag na dag, duizenden mensen, in San Diego, in Long Beach, Palm Springs en in steden door het hele land werd gedemonstreerd vóór het homohuwelijk. En opnieuw was ik ontroerd. Door de eenvoud van de boodschap: gelijkwaardigheid in de liefde. En door de spandoeken. ‘Yes we can! (unless you’re gay)’ en ‘Mormons can have many, I just want óne wife’












